Knoken en schedels onder oude kerkheuvel van Rouveen?

Foto: Streeknieuws

Een kale puist in een weiland vlak buiten Rouveen bedekt ruim twee eeuwen historie. Het is heel goed mogelijk dat onder een mysterieuze bult aan de Schipgravenweg, net buiten Rouveen, tientallen lijken liggen.

Vroeger ging het verhaal dat mollen spijkers van doodskisten boven de grond woelden en als je flink zou graven zou het zomaar kunnen dat je een knook of brokkelige tandeloze schedel uit de zompige modder trekt.

Aan het hier reeds lang verdwenen Olde Pad stond vanaf 1400 tot 1641 de voorganger van het huidige godshuis met waarschijnlijk in de venige bodem nog tientallen lijken. In 1641 verrees de huidige kerk aan het Nieuwe Dijk, nu de Oude Rijksweg. Precies 375 jaar geleden. Op de plek waar honderden jaren het Woord vanaf de kansel klonk, bleef een heuvel achter met stenen en waarschijnlijk vele tientallen graven.

Bakerpraatjes? Fabels? Allerminst, want ruim 200 jaar kerkten de Rouveners hier en uiteraard was er ook een begraafplaats in en rondom het waarschijnlijk houten bedehuis. Graven is niet toegestaan op deze archeologische locatie en dus blijven de Rouveners van weleer op deze vredige plek liggen.

EKkerkheuvelHet is een langwerpige bult van 43 meter lang en een kleine tien meter breed. In een bijna vast patroon liggen kleine en grotere stenen. Waarschijnlijk ooit gebruikt voor de fundering van de kerk die hier bijna 250 jaar stond. “Kijk, hier was waarschijnlijk de toren”, zegt Rouvener en kenner van de plaatselijke historie, Jouk Huisman. Hij staat aan de westzijde van de puist. Hier liggen dikke keien. Als voorwereldlijke botten steken ze uit het hoge gras.

“Toen wij hier vroeger als jongens eieren zochten, ging het verhaal dat je ijzeren nagels kon vinden van doodskisten”, zegt Huisman. “Zeer plausibel, hier was vroeger ook een kerkhof, dus die tientallen skeletten liggen naar alle waarschijnlijkheid nog rondom deze bult.

Net als Staphorst ‘wandelde’ ook Rouveen door het veengebied. De lange reis van Rouveen begon in 1233 met de stichting van het Zwartewatersklooster bij Hasselt. In 1282 verrees een kwartier gaans in oostelijke richting een kerkje aan Scholenland, vlakbij de Kloosterkooi op een plek die de Weeme heette. In 1400 ‘pakten de oer-Rouveners hun dorp op’ om een nieuw godshuis te bouwen op de plek van de huidige grassige puist.

“Na verloop van tijd werden de landerijen, in slagen ontgonnen, door inklinking van het veen te nat en konden de boeren er nog weinig mee. Verderop waren de gronden hoger en dus verhuisden ze het complete, overigens nog kleine dorp. Dat gebeurde in totaal drie keer, als je het klooster meetelt, zelfs vier keer, net als in Staphorst overigens. De laatste keer rond 1641, toen de huidige kerk verrees”, zegt Huisman.

Lees ook:

Dossier: