Pasgetrouwde vader Bertus Gebben bezwijkt in Duitsland

Foto: Eelco Kuiken

Het zijn rare weken voor Staphorster Hans Gebben (72). Vorige week kreeg hij een koninklijke onderscheiding, maar het was ook de week dat hij zijn vader herdacht. Een vader die hij nooit heeft gekend. Bertus Gebben staat donderdagavond centraal bij de Dodenherdenking in Staphorst.

Bertus Gebben stierf op 25 april 1945 in Ravensbrück als een van de twintig slachtoffers van de beruchte razzia van Staphorst die in de nacht van 30 op 31 augustus 1944 plaatsvond. Hij was pas 31 jaar oud en zes maanden getrouwd. Zijn vrouw was hoogzwanger van Hans. Hans Gebben werd vijf dagen na het ophalen van zijn vader geboren. “Mijn moeder heeft mij altijd op het hart gedrukt de Duitsers niet te haten. ”

Burgemeester Theo Segers besteedt donderdagavond aandacht aan dit specifieke verhaal, het verhaal van Bertus Gebben die zijn hoogzwangere vrouw met wie hij nog maar zes maanden getrouwd was, achter moest laten. Elk jaar probeert de burgemeester bij de herdenking de oorlog lokaal en tastbaar te maken. Vorig jaar stond de heer Massier centraal, ook een slachtoffer van de razzia, ook zijn naam staat op de steen. De zonen van Hans Gebben en kleinzonen van Bertus, Marcel en Erwin Gebben, lezen donderdagavond als eerbetoon de namen op het oorlogsmonument voor.

De zwartste bladzijde in de geschiedenis van Staphorst begint op 29 augustus 1944. Een verzetsgroep lokt de commandant van het in Staphorst gelegen Kamp Beugelen mee en schiet hem neer. Hopman Blom raakt gewond, maar hij overleeft de aanslag. In de avond en nacht van 30 op 31 augustus gaat de politie door Staphorst om twintig mannen op te pakken. Ze worden als represaille gevangengezet in Kamp Amersfoort. Blom schijnt zich ingezet te hebben voor hun vrijlating. Hij beseft dat ze niets met de aanslag op zijn leven te maken hebben en het tij van de oorlog keert.

Dat komt er een kink in de kabel. Op 6 september rijdt de hoge SS’er Van der Schatte Olivier met zijn chauffeur door de Staphorster Staatsbossen. Ze krijgen panne. De chauffeur van de auto gaat op pad om hulp te halen. De beruchte verzetsgroep van Cornelis Bonvanie die zich in de bussen schuilhoudt, grijpt de bestuurder in de kladden. Van der Schatte Olivier wordt meteen doodgeschoten.

De Duitsers zijn razend. De twintig Staphorsters die al vastzitten in Amersfoort, worden niet meer vrijgelaten. Ze gaan meteen op transport naar Kamp Neuengamme. Bertus Gebben gaat later door naar Ravensbrück waar hij bezwijkt aan honger en uitputting. “Ik vind het altijd vervelend als  Ravensbrück een vrouwenkamp wordt genoemd. Ik weet dat mijn vader daar omkwam. Er zaten zeker ook mannen gevangen.”

Niemand weet waarom tijdens de razzia specifiek deze twintig mannen werden opgepakt, maar het verhaal gaat dat een Meppeler landwachter een lijst zou hebben gehad met specifiek deze namen. “Het gaat veelal om middenstanders en mannen dat wat betekenden in de gemeenschap”, zegt Gebben. “Ik weet het ook niet, maar het lijkt een gerichte actie.”

Bertus Gebben heeft geen graf. Zijn naam op het monument op de Markt in Staphorst is alles wat er rest. Na de oorlog kreeg Hans’ moeder wat spulletjes van het Rode Kruis, zoals een trouwring en een horloge. Die ring draagt Hans. Hij maakte er een regelring van en elke 4e mei denkt hij aan zijn vader. De vader die hij nooit heeft gekend. “Eerst bloemen leggen bij het monument en dan gaan mijn vrouw en ik naar het graf van mijn moeder en stiefvader. Het is altijd weer emotioneel.”

Lees ook:

Reacties